IE (deel 10) Octrooien
Deze blog is onderdeel van onze IE-blogreeks. Lees de andere blogs hier.
Dagelijks investeren bedrijven in het onderzoek en de ontwikkeling van innovatieve producten en productieprocessen. Van (productiemethoden voor) medicijnen en 3D-printers tot koffieapparaten en de paperclip. Het verkrijgen van een octrooi op uitvindingen is vaak essentieel om de gedane investeringen terug te verdienen.
Een octrooirecht, wat is dat?
Een octrooirecht - ook wel patent genoemd - is een exclusief recht op een uitvinding van een product of proces. Dit recht is in het leven geroepen om innovatie te stimuleren en uitvinders de mogelijkheid te geven hun (vaak hoge) investeringen terug te verdienen. In de kern gaat het erom dat een octrooi techniek beschermt. Daarin verschilt het octrooirecht van andere rechten van intellectuele eigendom.
Ontstaan
Anders dan bijvoorbeeld het auteursrecht ontstaat een octrooirecht niet automatisch, maar door registratie van de uitvinding in het Nederlandse octrooiregister (voor bescherming in Nederland) of het Europees octrooiregister (voor een Europees octrooi in één of meer EU-lidstaten). Het Europese Octrooi is in feite een bundel van afzonderlijke nationale octrooien die in één aanvraagprocedure kunnen worden verkregen. Er bestaan ook nog internationale octrooien. Die worden meestal als PCT-octrooien aangeduid, naar de naam van het Patent Cooperation Treaty. Dergelijke aanvragen leveren internationale octrooien op, die weer uiteenvallen in allerlei nationale octrooien.
Voorwaarden voor bescherming
Om voor octrooibescherming in aanmerking te komen, moet de uitvinding (een technische oplossing voor een technisch probleem) aan de volgende voorwaarden voldoen:
1. Nieuw: niet eerder door jezelf of een ander – waar ook ter wereld – openbaar gemaakt (waaronder een eerdere octrooiaanvraag);
2. Inventief: niet voor de hand liggend voor een deskundige op basis van wat al bekend is (‘stand van de techniek’);
3. Industriële toepasbaarheid: de uitvinding moet geproduceerd of toegepast kunnen worden (niet uitgewerkte ideeën of theorieën voldoen daar niet aan);
4. Nawerkbaar: de vakman kan op basis van de informatie in de octrooiaanvraag de uitvinding toepassen.
Of aan deze vereisten wordt voldaan wordt beoordeeld op de datum waarop de aanvraag is ingediend of op de prioriteitsdatum als er al een aanvraag is ingediend in een andere EU-lidstaat. In dat laatste geval worden alle openbaarmakingen na die prioriteitsdatum niet meegenomen in de beoordeling van de nieuwheid en inventiviteit van de uitvinding.
Het Europees Octrooibureau toetst inhoudelijk op de vereisten van nieuwheid, inventiviteit en industriële toepasbaarheid. Het Nederlands Octrooibureau toetst niet inhoudelijk, maar uitsluitend op de vormvereisten zoals de naam van de uitvinder en het betalen van de taks. Voldoet de aanvraag niet aan de vormvereisten, dan krijgt de aanvrager de mogelijkheid tot herstel. Na verlening van een Nederlands octrooi kan dus nog blijken dat het octrooi niet voldoet aan de voorwaarden en nietig worden verklaard door de rechter.
Rechthebbende
In beginsel is de uitvinder diegene die het octrooi kan aanvragen en aan wie dus de rechten toekomen. Uitzondering bestaat bij dienstbetrekkingen (de werkgever is gerechtigd tot aanvraag, tenzij anders is afgesproken) en uitvindingen in het kader van opleiding (het opleidingsinstituut is gerechtigd tot aanvraag, tenzij anders is afgesproken).
Degene die het octrooi aanvraagt wordt vermoed de rechthebbende te zijn. Het octrooirecht komt namelijk toe aan diegene die het octrooi aanvraagt (‘first to file’) en niet aan diegene die de uitvinding heeft gedaan (‘first to invent’). Als een octrooiaanvraag te kwader trouw is gedaan door een ander, dan kan de werkelijk rechthebbende hier bezwaar tegen maken.
Let op dat het dus niet zo is dat degene die betaalt voor de werkzaamheden die tot een octrooi leiden, standaard de rechthebbende is. Dit gaat in de praktijk vaak fout. Het is belangrijk om op voorhand heldere afspraken te maken over wie de rechthebbende wordt van een octrooi.
Exclusieve rechten
De octrooihouder heeft het exclusieve recht om het geoctrooieerde product te maken, gebruiken, kopiëren en verkopen. Anderen dan de octrooihouder mogen dit in principe niet zonder toestemming van de octrooihouder doen in de lidstaat waarvoor octrooibescherming is verleend. Wel mogen derden een product dat door of met toestemming van de octrooihouder op de markt is gebracht doorverkopen in het land waar het product met toestemming van de octrooihouder op de markt is gebracht. De octrooibescherming van dat specifieke exemplaar is dan juridisch gezien ‘uitgeput’.
Beschermingsduur
Het octrooirecht beschermt de uitvinding voor maximaal 20 jaar vanaf het moment dat het octrooi wordt aangevraagd. Vanaf het vierde beschermingsjaar is de octrooihouder een jaarlijkse vergoeding (taks) verschuldigd voor de inschrijving in het octrooiregister. Wordt de taks niet tijdig voldaan, dan vervalt het octrooirecht.
Uitsluitend voor geneesmiddelen en gewasbeschermingsmiddelen kan in bepaalde gevallen aanvullende bescherming worden verleend voor de duur van 5 jaar. Dit wordt het Aanvullend Beschermingscertificaat (ABC) genoemd, of in het Engels Supplemenatry Protection Certificate (SPC). Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de beschermingstijd die octrooihouders niet hebben kunnen gebruiken voor het terugverdienen van investeringen doordat het product als gevolg van benodigde marktvergunningen nog niet op de markt kon worden gebracht.
Handhaving bij inbreuk
Maakt een derde inbreuk op de exclusieve rechten van de octrooihouder, dan kan de octrooihouder zijn rechten handhaven. In de regel zal hij de derde eerst wijzen op de inbreuk en hem door het toesturen van een sommatiebrief sommeren tot het staken van de inbreukmakende handelingen. Doet die derde dat niet, dan kan de octrooihouder een gerechtelijke procedure starten en de rechter verzoeken een verbod op te leggen, eventueel onder verbeurte van een dwangsom. Ook kan hij schadevergoeding, afgifte van informatie en afgifte van de inbreukmakende goederen en gebruikte middelen vorderen.
Zeker bij Nederlands octrooien is er wel een duidelijk risico bij het voeren van een rechtszaak waarbij er een octrooi wordt ingeroepen. Aangezien het systeem in Nederland uitgaat van een registratiesysteem en er dus geen uitgebreide toets plaatsvindt bij registratie, is het altijd de vraag of een octrooi in het concrete geval standhoudt. Het is belangrijk om dit goed te controleren voorafgaand aan het starten van een juridische procedure.
Samenloop
Een product kan door verschillende intellectuele eigendomsrechten worden beschermd, maar de techniek van een product kan uitsluitend door het octrooirecht worden beschermd. Het uiterlijk van een product kan bijvoorbeeld door het auteursrecht of modellenrecht worden beschermd en een geoctrooieerd product dat onder een bepaald merk op de markt wordt gebracht, wordt beschermd door een merkrecht. Deze rechten bestaan gelijktijdig en zijn in principe onafhankelijk van elkaar.
Van het veiligstellen van een uitvinding en het aanvragen van een octrooi tot het handhaven van de exclusieve rechten. Ons IE, IT & Privacy team staat voor u klaar voor advies en bijstand in elke fase.
Juridisch advies is altijd maatwerk. Deze blog bevat algemene informatie. Hoewel het artikel met veel aandacht en zorgvuldigheid is geschreven, is het verstandig om in een voorkomend geval altijd deskundig juridisch advies in te winnen. (Lees onze disclaimer).